Home / Technische zaken

Technische zaken

 

scan-6

 

 

 

 

Mercedes 300SL Roadster 60 jaar 

Op de autotentoonstelling in Genève van 14 tot 24 maart 1957 word door DB de opvolger van de inmiddels al beroemde Mercedes 300SL Coupé, ofwel “de vleugeldeur” voorgesteld: de 300SL Roadster.

Met name vanuit de Amerikaanse markt was er regelmatig de vraag gekomen voor een cabriolet versie van de sportwagen en vanuit concurrentie oogpunt was het ook geen verkeerde beslissing om deze weg ook in te slaan. Hoewel het bijna onmogelijk lijkt, bood het de mogelijkheid om tegelijkertijd enkele ingrijpende verbeteringen door te voeren.

Het in- en uitstappen van een vleugeldeur is best wel een hele tour, met name de dames met de té strakke rokken wilden hierom nog wel eens afhaken en wat heb je nu aan een mooie sportwagen als er niet eens een mooie dame naast je wilt komen zitten…
Maar die hoge instap was bij de introductie van de 300SL in 1954 gewoon nodig om de benodigde stijfheid van het buizenframe te kunnen verkrijgen. Met de voortschrijding van de kennis van deze manier van chassis bouwen kon men de instap verlagen waardoor normale portieren konden worden toegepast.
Dit gaf de nodige voordelen, onder andere dat er nu gewoon zijramen in zaten die naar beneden konden worden gedraaid, in plaats van de schuifraampjes in de vleugeldeuren. Met de herziening van het buizenframe sloeg men twee vliegen in één klap, want een ander verbeterpuntje was wel de wegligging van de 300SL Vleugeldeur.
Wanneer deze eens goed aan de tand werd gevoeld was overstuur, dus plotseling uitbreken van de achterkant, voor de minder ervaren rijder een onwelkome verrassing waardoor er wel eens een 300SL sneuvelde!

motor-300sl

Nu had men voor de W196 al een mooie achteras met laag liggend scharnierpunt ontwikkeld en ook al als eerste toegepast op de 220a ponton die in 1954 werd geïntroduceerd. Maar ja, die schroef je niet zomaar even onder een 300SL Coupé, want daar zijn een groot aantal serieuze aanpassingen van de as-ophangpunten aan het chassis voor nodig.
Met andere woorden: voor de 300SL Roadster werd het buizenchassis bijna geheel opnieuw ontworpen en uiteraard voorzien van de nodige verstevigingen, die voor de lagere instap nodig waren.
De nieuwe achteras kreeg zelfs ook nog een extra noviteit door een extra horizontale veer boven te plaatsen die als stabilisator werkte in de bochten. Deze constructie zagen we korte tijd later terug op de W110 en W111 modellen. Met de nieuwe achteras werd de zijdelingse beweging van de wielen beduidend minder tijdens in-en uitveren, dus ook tijdens het nemen van snelle bochten. Hierdoor had de 300SL Roadster minder last van overstuur en kon het uitbreken bij het nemen van snelle bochten veel gemakkelijker worden gecorrigeerd.
Een andere noviteit was de introductie van de Michelin X radiaalband op Mercedes waardoor de koersvastheid en comfort een grote sprong voorwaarts maakte. Deze aanpassingen maakte van de Roadster een veel beter handelbaardere auto in de extreme gevallen en vooral de verhoging van het comfort sprak de chique kopers wel aan: er werden er 1858 van gebouwd tegen 1400 “Vleugeldeuren”.
Ook het uiterlijk van de 300SL veranderde drastisch door de panoramische voorruit, de verticale koplampen, de grotere achterlichten en een nieuw ontworpen dashboard met een verticale snelheidsmeter in plaats van de aloude ronde klokken.
Het opklapbare stuurwiel van de Coupé was dankzij de eenvoudigere instap niet meer nodig en het stuurwiel werd identiek aan de ponton modellen en 190SL met de draaibare claxon ring ten behoeve van de richtingaanwijzers.
Bleven de marktprijzen van de Roadster jarenlang achter bij die van de Coupé, is dit inmiddels behoorlijk bijgetrokken: er zijn op veilingen al Roadsters verkocht voor bedragen boven het miljoen Euro’s! Voor de verkopende partijen goed nieuws, maar voor diegenen die droomden er ooit nog eens in een te kunnen rijden, blijft gelden: keep on dreaming….

scan-1-1

 

 

 

 

 

 

Ab Augustinus

E5 en E10 Benzine versus oldtimers
Al sinds enkele jaren vereist het milieu dat we bio ethanol toevoegen aan de brandstoffen die in de auto’s worden getankt. Door deze ethanol wordt de uitstoot van CO2 verminderd en zal daardoor de opwarming van de aarde minder snel verlopen dan het geval was. Kortom een goede zaak voor het milieu, maar duidelijk minder voor de brandstofsystemen van onze old- en soms zelfs voor onze youngtimers.
Ethanol, in de volksmond ook wel alcohol genoemd, is veel vluchtiger dan de normale bestanddelen die in de ouderwetse benzine voor de verbranding zorgden. Door een iets andere samenstelling met zwaardere koolwaterstoffen kan dit negatieve effect deels worden gecompenseerd, maar er blijven nog wel degelijk een paar andere zorgen over.

Slangen, rubbers en pakkingen
Niet alle soorten pakking en rubbers kunnen tegen deze ethanol: zij lossen naar verloop van tijd op, wat brandgevaarlijke lekkages kan veroorzaken. Oudere benzineslangen zullen ook van binnenuit oplossen, dus vervang deze preventief door ethanol bestendige slang, bijvoorbeeld Gates Barricade brandstofslang met vijf inlagen.
Vergeet niet om deze te monteren met de juiste slangklemmen voor benzineslang. Moderne pakkingmaterialen van bijvoorbeeld Eriks zijn ook bestendig tegen ethanol.

Aantasting van metalen
Met name aluminium wordt aangetast door ethanol, maar op langere duur ook ijzer, dus de oudere metalen brandstoftanks zijn niet langer veilig voor inwendige corrosie. Aluminium in brandstofpompjes en met name van de carburateurs zijn geliefde slachtoffers van dit ethanol.

carburateur
De ADAC in Duitsland heeft er zelfs voor gewaarschuwd dat bij het gebruik van E10 gedurende korte tijd, dit erosieproces ingezet wordt en ook niet meer stopt wanneer er na verloop van tijd wordt overgestapt naar E5 of brandstof zonder ethanol.

Dampvorming
Omdat er meer vluchtige bestanddelen zijn gemengd in de E5 en E10 brandstoffen, zal het zogenaamde kooktraject beginnen bij een langere temperatuur. Bij langdurig file rijden en rijden in de bergen zullen hierdoor sneller dampbelletjes worden gevormd in de leidingen waardoor “vapour lock” zal optreden en zal een verplichte afkoelingsperiode op de vluchtstrook noodzakelijk worden.

Gomvorming
De houdbaarheid van moderne benzines is circa 6 weken en aangezien de gemiddelde winterstop van een oldtimer langer duurt, wordt het starten in het voorjaar best wel spannend. Gomvorming veroorzaakt in de benzinepomp een slechte afdichting van de zuig- en persklepjes en in de carburateurs de gehele- of gedeeltelijke verstopping van de sproeiers. Slecht starten en beroerd lopen is dan het resultaat omdat de nauwkeurige mengverhouding van benzine en lucht danig wordt verstoord. Demontage en reinigen, c.q. vervangen van de sproeiers is dan de enige remedie.

Mogelijke Oplossingen

Aspen Alkylaatbenzine
Alkylaatbenzine van Aspen bevat geen ethanol, maar is redelijk prijzig en ook niet aan de reguliere pomp te koop. Dit is een uitstekende oplossing voor de auto’s die voor langere tijd worden gestald.
Het systeem aftappen en vullen met een beperkte hoeveelheid Aspen 4 en daarna de motor enige tijd laten draaien zodat het gehele systeem is gevuld met Aspen. Zie voor informatie, prijzen en verkooppunten: http://www.aspen-benelux.nl/nl-nl/gebruik/oldtimers

Firezone Competition 102
Firezone competition 102 is een hoogwaardige racebenzine met een octaangetal van 102, wat maar zelden nodig is voor de oldtimers, maar een erg leuke bijkomstigheid is dat ook in deze benzine geen bijmenging van bio ethanol plaatsvindt. Deze benzine is bij een redelijk aantal Firezone stations te tanken tegen een acceptabele meerprijs.
Voor informatie en locaties van pompstations zie: http://competition102.com

 

BP Ultimate 98 en ARAL Ultimate 102
In Duitsland heet BP gewoon ARAL en zijn de raffinaderijen dezelfde.
Van alle grote oliemaatschappijen geeft BP/ARAL expliciet aan dat in de premium brandstoffen geen bio ethanol is toegevoegd. BP bevestigde desgevraagd dat dit een correcte constatering was en heeft geen bezwaar tegen publicatie.
Hoewel het altijd een betere optie is om zo wie zo de Super 98 benzine te tanken vanwege de altijd betere kwaliteit van de basisbrandstof, geven de overige maatschappijen aan dat de toevoeging van bio-ethanol gedaan wordt tot een maximum van 5% zowel voor de “Normale” als voor de “Super” benzine.
Dat betekent eigenlijk dat de ultieme oplossing voor het oldtimerprobleem is: Ultimate benzine tanken bij BP of ARAL.
Voor informatie en verkrijgbaarheid zie:
http://www.bp.com/nl_nl/on-the-road/netherlands/producten-en-diensten/bp-brandstoffen/ongelode-benzines-met-active-technologie.html http://www.aral.de/de/retail/kraftstoffe-und-preise/unsere-kraftstoffe/aral-ultimate/aral-ultimate-102.html

img_0375

Geschiktheid voor E10 brandstof Mercedes Benz
Mercedes Benz heeft voor alle modellen aangegeven welke zonder problemen op E10 kunnen rijden. Zij geven aan dat alle auto’s met bouwjaren voor 1985 zo wie zo niet geschikt zijn voor E10 benzine.
Daarenboven geeft MB een lange lijst met modellen van na 1985 die óók niet geschikt zijn:
R107, E klasse W124, S klasse W126, 190E W201.
De MB Service Information publicatie met deze complete lijst kan elders op de MBKV site worden gevonden

Ab Augustinus

 

serviceinformation_e10_kraftstoff-gesleept-3 

Door bovenstaande link aan te klikken krijgt u de lijst te zien welke MB geschikt is voor E10 brandstof.

Top